19 maart 2011

Puffen en hijgen tussen de midlife crises

Sinds twee weken bevind ik me iedere zaterdagochtend in een gemêleerd gezelschap. Ik, als jonkie van de groep, beweeg me tussen mannen die in een midlife crisis zitten en een egopep nodig hebben, te dikke vrouwen, vrouwen die een diploma hebben behaald in aanstellen, show-offs, stumpers en hier en daar een normaal persoon. Wat ik daar doe?

Mijn persoontje en sporten is zoiets als Libië en de rest van de wereld. Dat werkt gewoon niet. Naast dat ik aartslui ben en fervent fan van roken en drinken, is mijn lichaam ook niet het beste werk van de schepper. Ik heb twee blessures, zwakke enkels, een slechte houding en geen maatje 34 (helaas). Hoewel best begeerd door het mannelijke deel van de bevolking, is dit lichaam niet echt sport-suited. Want naast de lichamelijke kwaaltjes, beschik ik ook nog eens over nul balgevoel, een snelle neiging tot verveling en watervrees. Zwemmen, strandsporten, balsporten en fitness vallen dus af. Tevens ben ik nogal arm dus dat maakt ook paardrijden en klimmen tot no-go area's. Blijft erover: hardlopen. 

Dus bevind ik me iedere zaterdagochtend puffend en hijgend tussen een uniek gezelschap met een gemiddelde leeftijd van minstens 40+ die allemaal bikini- en zwembroekklaar willen worden. En ik? Ik ben er nog niet helemaal uit waarom ik mee doe. Zolang ik niet stop met roken hoef ik het voor de conditie niet te doen. Zolang ik me vermaak met chips en bier hoef ik het voor mijn buikje niet te doen. Maar ik vermaak me opperbest. Het geeft een bepaalde superioriteit. Ik als hardloper. Het is overigens ook verschrikkelijke hilarisch, zeker als ik met de veel beter getrainde Complicated ga rennen, maar dat terzijde.

Mijn sport-failure is dat ik de eerste vier weken ontzettend fanatiek ben en daarna niet meer. Nog twee weken te gaan dus.

13 maart 2011

Aapjes kijken

Echt. Je kunt me niet blijer maken dan me mee te nemen naar de dierentuin.

Ja ok, dat is niet helemaal waar. Maar deze blog is niet R-rated. Dus ja.

Terug naar de dierentuin. Daar word ik dus heel erg blij van. Ik staar verliefd naar de dieren, kwijl weg bij de pasgeboren hummels, roep minstens tien keer per minuut "Kijk daar!" en huppel bijna rond. In een dierentuin transformeer ik in een klein kind. Maar dan wel een leuk klein kind. Niet zo'n krijsend mormel van het soort dat ik ongeveer tien keer per minuut tegenkwam.

Vandaag ging ik met Complicated naar Burgers Zoo. By far de leukste dierentuin die ik ken. Heb ik vandaag besloten. De dieren zijn tof, de aankleding is geweldig én ze hebben De Bush. Ja mensen. De Bush. Daar word ik nu echt gelukkig van. Touwbruggen over water, stepping stones, modderige paadjes tussen schimmige oerwoudplanten... Ik voel me een echte ontdekkingsreiziger en transformeer nog iets meer in een klein kind.

Echt. Ik houd van dierentuinen.
En luxepaardjes als Complicated en ik zijn, hebben we besloten dat Burgers Zoo een perfect alternatief is voor 'ontdek-jezelf'-reizen naar Kenia waar je in brakke tentjes tussen potentieel moordlustige dieren slaapt. Arnhem is het nieuwe Kenia.

10 maart 2011

De knipperlichtexpert

“Jesus waited three days to come back to life. It was perfect! If he had only waited one day, a lot of people wouldn't have even heard he died. They'd be all, "Hey Jesus, what up?" and Jesus would probably be like, "What up? I died yesterday!" and they'd be all, "Uh, you look pretty alive to me, dude..." and then Jesus would have to explain how he was resurrected, and how it was a miracle, and the dude'd be like "Uhh okay, whatever you say, bro..." And he's not gonna come back on a Saturday. Everybody's busy, doing chores, workin' the loom, trimmin' the beard, NO. He waited the perfect number of days, three. Plus it's Sunday, so everyone's in church already, and they're all in there like "Oh no, Jesus is dead", and then BAM! He bursts in the back door, runnin' up the aisle, everyone's totally psyched, and FYI, that's when he invented the high five. That's why we wait three days to call a woman, because that's how long Jesus wants us to wait.... True story. - Barney Stinson”
Het visitekaartje is van mooi, kwalitatief, dik, crèmekleurig papier (jeweetwel). Mijn naam staat er in strakke letters op. Daaronder, in een felle kleur, mijn beroep: Zelfbenoemd Knipperlichtexpert. Mijn gevoel zegt dat ik in dat beroep meer zal uitblinken als in het beroep waarvoor ik nu al meer schuld heb opgebouwd dan de gemiddelde gokverslaafde.

Als je het over de lange termijn kijkt, hebben mijn love interest en ik al heel erg lang een relatie. We houden alleen nogal van afwisseling. Niet met anderen, maar qua benoeming van onze staat van dienst. En daarom knipperen we sneller dan de ogen van een Playmate. Dat levert me vooral veel rollende ogen, bitch slaps en "Ah nee zeg"'s van mijn omgeving op.

Maar volgens mij heeft niemand ooit over de voordelen nagedacht: je hebt het een tijdje leuk samen, maar besluit dat het tijd wordt voor afwisseling. Het gaat uit, je bent legitimate verdrietig en hebt daarom alle recht op pizza's, dagen gevuld met series en B&J's. Je geniet een week van je rust en vrijheid, en besluit dan dat het weer tijd voor actie. Je praat wat met elkaar, haalt - zorgvuldig geselecteerde - herinneringen op en besluit om het - al dan niet onder een andere noemer - weer te proberen. Als je het geluk hebt dat het geen relatie genoemd wordt, mag je dus nog steeds gerust kwijlen bij Neil Patrick Harris of enig ander mooi manspersoon op televisie terwijl je love interest naast je zit, want hey, er is geen relatie. Daarnaast ontloop je de verplichte familiebezoekjes en de whiny vriendinnen van, kun je zoveel series kijken als je wilt, heb je geen ruzie over kaartlezen en is je agenda altijd leeg en vrij om de meest awesome dingen te doen. Ondertussen is hij ook niet zodanig verdwenen uit je leven dat je opeens zelf je lampen moet gaan vervangen, je lingeriekast langzaam verandert in een zeldzame collectie vale oma-onderbroeken, je geen sportmaatje hebt of je altijd in je eentje over het strand moet wandelen.

Echt. Ik zie het probleem niet.

7 maart 2011

Volwassenheid in aantocht

Ik merk het aan alles. Ik heb tijdelijk een echt dagritme en bevindt me iedere ochtend tussen de werkende mensen in de bus. Mijn gympen liggen stof te vergaren in een hoek en ik weet bijna niet meer hoe het voelt om op platte schoenen te lopen. Panties en jasjes behoren tot mijn dagelijkse kleding. In de H&M kijk ik niet meer naar shirts met rockbands erop, maar naar blousjes, mooie zijden truitjes en nette jurkjes. Ik vind mijn korte rokjes opeens oncomfortabel en kan me niet eens meer bedenken wanneer ik voor het laatst een jeans droeg. Ik ga niet meer ieder weekend stappen en breng steeds vaker avonden op de bank door. Ik loop iets meer rechtop, schrik iedere keer weer van mijn eigen leeftijd en ik begin opeens na te denken over makelaars, carrièrebeurzen en levensinrichting. Ik werk uren aan mijn cv en denk na over uurcontracten en salarissen.

Het is zover. Ik ben bijna volwassen.

Maar eerst ga ik nog even drie maanden doorbrengen in mijn sweatpants, met mokken koffie, vet haar, een verwilderde blik in mijn ogen. Ga ik nachten doorhalen waarbij ik de stress wegtik met shotjes en wijn en ga ik nog even heel hard genieten van mijn onvolwassenheid. De scriptieperiode is aangebroken.